Advies over wonen
en werken in Noorwegen?
Bel 0047 928 54 190

Van 6 tot 16

Kinderen in Noorwegen beginnen op de basisschool in het jaar dat ze zes worden. Tot dan hebben ze de barnehage bezocht, een kruising tussen creche en kleuterschool, waar ze in het laatste jaar begonnen zijn met voorbereidend leren (cijfers, letters, vormen).

NAAR SCHOOL
De eerste schooldag is in Noorwegen even bijzonder als elders. Allemaal een eigen tafel, juf of meester, sommen maken en nog veel meer. En als het een beetje meezit, halen de kinderen ook nog de krant, via een heuse klassenfoto, met daarboven als kop: Klas 1 is begonnen. Uitgangspunt bij de gang naar school is het geboortejaar. Alle kinderen die in hetzelfde kalenderjaar (januari-december) geboren zijn, zitten bij elkaar in de klas.

KLASSEN EN LEERKRACHTEN
In Noorwegen wordt nog over klassen gesproken. De leerplicht bedraagt tien jaar, na het basisonderwijs (klas 1-7) volgt de onderbouw van het voortgezet onderwijs (klas 8-10). Op de meeste Noorse scholen kun je voor beide onderwijsvormen terecht, kinderen gaan dan ook vaak tot hun zestiende naar een en dezelfde school.
Noorwegen heeft ongeveer 3.250 scholen voor het basisonderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Het aantal leerlingen ligt rond de 620.000.
De scholen zijn over het algemeen klein, net als de klassen. Een klas van negentien leerlingen geldt al als groot. Een klas van tien leerlingen of minder is niet uitzonderlijk. Alleen in de grotere plaatsen en steden vind je scholen die in omvang te vergelijken zijn met die in Nederland.

Het aantal leerkrachten is groot. Uitgangspunt is dat er voor elke vijftien leerlingen een leraar beschikbaar is. Is de klas groter, dan komt er in de regel een leerkracht bij.
Kinderen groeien vanaf de eerste klas op met vakleerkrachten, behalve van hun eigen vaste docent (contactleraar) krijgen ze ook les van vakleraren. Tevens beschikt een school over klasse-assistenten en speciale leerkrachten voor leerlingen die extra aandacht nodig hebben.

AANDACHT VOOR IEDEREEN
Alle kinderen krijgen hetzelfde lesprogramma aangeboden. Kinderen die meer aan kunnen, mogen extra oefenstof maken. In overleg met de leerkracht kunnen ouders daar ook structurele afspraken over gemaken.
De individuele aandacht voor de leerling op school is groot. Het aantal docenten maakt een intensieve begeleiding mogelijk, als er extra aandacht nodig is kan deze over het algemeen ook gegeven worden.

Uitgangspunt is dat alle kinderen naar dezelfde school moeten kunnen gaan. Speciaal- en buitengewoon onderwijs bestaat slechts op kleine schaal. Kinderen die minder goed of slecht kunnen leren en kinderen met een handicap gaan naar dezelfde school als hun vriendjes en vriendinnetjes. Als het nodig is, wordt de school aangepast, zodat gehandicapte kinderen zo goed mogelijk mee kunnen doen aan het lesprogramma. Alles wat ze met de andere leerlingen kunnen doen, doen ze gezamenlijk.
Activiteiten die buiten hun mogelijkheden liggen, worden vervangen door eigen (les)programmaonderdelen.

Voor dove kinderen zijn docenten aanwezig die de doventaal beheersen. Klasgenoten kunnen de doventaal ook leren.
Bij schoolactiviteiten buiten de lessen om, zoals een toneelvoorstelling of een gezamenlijke kerkdienst, gaat de doventolk mee om te vertalen.

ALLEMAAL SAMEN
Noorse scholen zijn minder prestatiegericht ingesteld dan scholen in Nederland. Kennis is belangrijk, maar er wordt evenveel, zo niet nog meer aandacht besteed aan de omgang met elkaar.
De overdracht van normen en waarden en het gebruik in het dagelijks leven, op school en daarbuiten, spelen een centrale rol binnen en buiten de lessen. Kinderen wordt geleerd dat ze samen met anderen op school zittten, dat ze voor elkaar moeten zorgen en elkaar moeten helpen als het nodig is.
Kinderen uit de eerste klas en nieuwkomers op school krijgen een leerling uit de vijfde klas of hoger als ‘voogd’ toegwezen, bij wie ze terechtkunnen met vragen of wanneer er iets aan de hand is.
Pesten is uit den boze. Op de meeste scholen is er zeer veel aandacht voor het voorkomen en tegengaan van vervelend gedrag. Als er iets aan de hand is, wordt er zo snel mogelijk opgetreden en ingegrepen, zo nodig in overleg met de betrokken ouders.
De onderlinge betrokkenheid wordt gestimuleerd, binnen de lessen, tijdens schoolactiviteiten maar ook daarbuiten.
Als er een ski-middag is kan een van de hoogste klassen de taak toegewezen krijgen alles in goede banen te leiden. De oudere leerlingen moeten er dan bijvoorbeeld voor zorgen dat de jongsten de ski’s onder krijgen. Ze zetten het parcours uit , zorgen ook voor de versnaperingen, begeleiden de kleinsten en ruimen na afloop ook weer op.
Of het kan zo maar zijn dat de tweede klas op visite mag bij de negende klas, wanneer daar chocoladetaart is gebakken tijdens de les voeding en gezondheid. Op veel scholen kunnen leerlingen schriftelijk aangeven hoe het bevalt het op school, of ze ergens mee zitten en of er iets anders of beter zou kunnen. De evaluatie mogen ze zelf, of wanneer ze dat liever willen, samen met de ouders invullen.
De school heeft in de regel ook een leerlingenraad, waarin klassenvertegenwoordigers mee kunnen praten en denken over de gang van zaken op school.

LESSEN
De lessen worden gegeven aan de hand van een weekrooster, maar de flexibiliteit is groot. Als er sneeuw valt, is het goed mogelijk dat er een ochtend of middag wordt ingeruimd om te skieën.
De schooldag begint ’s ochtends rond half negen en loopt gemiddeld door tot ongeveer 14.00 uur. Tussen de middag blijven de kinderen op school en hebben ze in de regel een pauze van een half uur, tijdens de ochtend hebben ze een kortere pauze. De eerste vier klassen hebben minder lang les dan de hogere klassen. Op veel scholen hebben deze klassen woensdag de hele dag vrij, op andere scholen kiezen ze voor vrije middagen.
Vanaf de eerste klas krijgen de kinderen huiswerk mee. Als ze op school tijd over hebben, kunnen ze er daar al mee beginnen.

VAKKEN
Op de Noorse basisschool en in de onderbouw van het voortgezet onderwijs worden de volgende vakken gegeven:

  • Kennis van het christendom en religieuze en ethische vorming
  • Noors
  • Wiskunde
  • Maatschappijvakken (aardrijkskunde, geschiedenis, maatschappijleer)
  • Kunst en handvaardigheid
  • Kennis van de natuur
  • Engels
  • Een vreemde taal/taalverdieping (onderbouw voortgezet onderwijs)
  • Muziek
  • Voeding en gezondheid
  • Lichamelijke opvoeding
  • Een keuzevak (onderbouw voortgezet onderwijs)
De verwachting is dat het aantal lesuren de komende jaren zal toenemen. Noorwegen koestert het sociale karakter van het onderwijssysteem, maar ziet ook dat elders in Europa wordt ingezet op kennis. Als eerste aanzet om bij te blijven, is in het afgelopen jaar het nieuwe ‘leerplan voor het vergroten van de kennis’ – de zogenaamde Kunnskapsløfte – in gebruik genomen, met duidelijke doelstellingen als het gaat om het kennisniveau op verschillende leeftijden.

NATUUR EN BEWEGING
Buiten zijn speelt een grote rol op school. De natuur rondom wordt zowel gebruikt voor ontspanning als voor de lessen. Klas 1 en 2 hebben op veel scholen wekelijks een vaste buitenspeeldag, die vaak gekoppeld is aan de lessen. ’s Morgens praten ze over paddestoelen, ’s middags gaan ze ze zoeken. Om te drogen of om soep van te maken.
Bewegen is belangrijk. Veel scholen beschikken over een eigen gymzaal en een zwembad, waarvan zowel tijdens als na schooltijd gebruik gemaakt kan worden.

VOEDING EN GEZONDHEID
Voeding (huishoudlessen) en gezondheid hebben een vaste plek in het onderwijs. In klas 7 en 9 krijgen de leerlingen een dag per week les in onder meer koken en hygiëne. Het doel is de leerlingen voor te bereiden op de tijd dat ze zelfstandig gaan wonen.

CULTUUR
Culturele vorming wordt op de meeste scholen met een grote C geschreven. Muziekonderwijs, toneel, dans en kunstzinnige vorming nemen een centrale plaats in, zowel binnen als buiten de lessen. De leerlingen geven vaak voorstellingen en richten zelf exposities in.

BEOORDELING
Tot en met klas 7 krijgen de leerlingen geen rapportcijfers. De kennis wordt getoetst in de dagelijkse lespraktijk, aan landelijke testen wordt gewerkt. De leerlingen worden voor het eerst officieel getest als ze in de vijfde klas zitten.
Aan het eind van het jaar wordt een schriftelijke beoordeling opgemaakt door de docent, die met de ouders besproken wordt. Onderwerpen die in de beoordeling aan de orde komen zijn onder meer de ontwikkeling en de kennis van de taal, mondelinge vaardigheid, schrijfvaardigheid, ontwikkeling in en kennis van andere vakken (rekenen, Engels, natuurvakken).
De prestaties van de leerling in de vakken gymnastiek, handvaardigheid en muziek worden ook besproken., net zoals de omgang met anderen, in zowel de klas als tijdens de pauzes. De inzet en de werkwijze van de leerling komen eveneens aan de orde in de schriftelijke beoordeling.

CONTACT MET THUIS
Het contact met de ouders is nauw. In het algemeen zijn er twee oudergesprekken per jaar. Als de leerling het wil of wanneer de ouders daar prijs op stellen, mag de leerling ook (in de regel vanaf klas 4 of 5) bij het gesprek aanwezig zijn. Vaak heeft de leerkracht vooraf een gesprek met de leerling zelf.
Leerlkrachten en de schoolleiding maken ook buiten reguliere bijeenkomsten om graag tijd vrij voor een gesprek wanneer ouders daar om vragen.

BUITENSCHOOLSE OPVANG
De kinderen van klas 1 tot en met 4 wordt voor- en naschoolse opvang aangeboden op school. Ze kunnen onder begeleiding spelen of hun huiswerk maken. ’s Morgens kunnen ze over het algemeen vanaf een uur of half acht op school terecht, soms nog wat eerder. ’s Middags loopt de opvang in de regel tot 16.30 uur.

KINDEREN MET LEER- EN/OF GEDRAGSPROBLEMEN
Als een kind in Nederland leer- en/of gedragsproblemen heeft op school (dyslexie, ADHD, of andere problemen), is het zeer belangrijk dat de leiding op de nieuwe Noorse school daarvan vooraf op de hoogte wordt gesteld. Het is verstandig een rapportage (in het Engels of Noors) op te laten maken, waarin de situatie uiteen wordt gezet en duidelijk wordt gemaakt welke aanpak in Nederland is gekozen. De problematiek kan vanzelfsprekend ook ter sprake worden gebracht tijdens een bezoek aan de gemeente.
De school krijgt zo de gelegenheid zich op een goede manier voor te bereiden op de komst van de nieuwe leerling. De school kan zo nodig een aangepast lesprogramma bieden en eventueel extra hulp inschakelen, om de overgang naar het Noorse schoolsysteem zo soepel mogelijk te laten verlopen.

MEER INFORMATIE
Meer informatie over onderwijs en scholen is te vinden op:

Algemeen

Basisschool/Onderbouw voortgezet onderwijs

  • Skolenettet , website onder beheer van directoraat van ministerie van Onderwijs (www.utdanningsdirektoratet.no) , gericht op informatievoorziening aan leerlingen, scholen en ouders. Op website is nieuws en achtergrondinformatie te vinden over de basisschool en de onderbouw van het voortgezet onderwijs.
  • Foreldrenettet, organisatie voor ouders met kinderen op de basisschool. Adviesorgaan voor minister van Onderwijs.
600x600xBatavia-Dutch-Coffee-3-X-100-ml-gavepakke.pagespeed.ic.LYSTY_UCE_-2

Import-groothandel en webshop in koffie en thee

22-08-2017

Noors-nederlandse import-groothandel en webshop in koffie- en theeproducten te koop.

Lees meer...

75_979542771-2

vakantiewoning op eilandengroep

19-08-2017

Op de eilandengroep Solværøyene ter hoogte van Helgelandskysten is deze sfeervolle vakantiewoning te koop. Een mooie en combinatie van oud en nieuw.

Lees meer...

Neem een nieuwsbrief...

Abonneer u op de nieuwsbrief van norsk.nl, met nieuws over projecten, vacatures, onroerend goed en vestigingsmogelijkheden in Noorwegen. De nieuwsbrief verschijnt ongeveer één keer per maand.